Je hoeft het niet alleen te doen
Ik hoor het ze zeggen in de hulpverlening, binnen de grote GGZ instelling waar ze zeggen dat ze me willen helpen. Je hoeft het niet alleen te doen. Wij zijn hier voor je.
Maar ik voel het niet. Ik ervaar het niet.
Ik weet nog niet welke kant ik op wil met deze blog. Voor nu blijf ik anoniem. Reza is niet mijn naam. Wel de naam waaronder ik schrijf. Ik ga schrijven over wat ik heb meegemaakt in 10 jaar GGZ. Waarvan al 8 jaar bij de grote, gespecialiseerde GGZ instelling. Chronologisch zal het niet zijn. Ik noem geen namen. Ik noem niemand die het verkeerd deed. En ik ben zeker niet zielig.
Ik val alleen tussen water en wal.
Ik pas niet in een plaatje. Mijn klachten zijn complex. Ik herstel niet van een standaard programma. En maatwerk schijnt moeilijk te zijn, binnen die gespecialiseerde GGZ.
Voor nu een reis terug in de tijd. Ik was opgenomen op de gesloten afdeling, nu vijf jaar geleden. Mijn cPTSS was nog niet gediagnosticeerd. Mijn suïcidaliteit was heel heftig aanwezig.
Ik kom mijn kamer uit nadat ik terugkwam van een wandeling. Eentje waar ik net weer vrijheden voor had, nadat ik drie maanden niks zelfstandig mocht. Die goed gegaan was en fijn voelde.
Mijn buurvrouw vliegt me aan, ze is psychotisch. We zitten er allemaal niet-voor-niks. Ze heeft last van me, ‘s nachts. Ik maak herrie. Heel veel herrie. Schuif met spullen. Door mij kan ze niet slapen.
Het mooie is, ik had net nieuwe medicatie waardoor ik wel sliep. Na maanden en maanden gebroken nachten en kopjes thee op de afdeling. Ik was het niet. Echt niet. Ze wilde me niet horen. Ze werd bozer en bozer. Ze raakte me in mijn trauma. De afdeling hoorde het. De verpleging hoorde het.
Ik liep weg, naar de groep. Ik voelde me zo bang, zo geraakt. Als ik iets niet wil, is het opvallen. Is het overlast veroorzaken. Ik vertelde wat er gebeurd was aan groepsgenootjes, maar dat mocht niet. Toen stond de verpleging wel gelijk bij me. Toen kreeg ik wel op mijn kop.
Ik had het niet mogen ventileren op de groep. En dat snap ik. Maar waren zij dan? Waar was de verpleging? Ze zagen het gebeuren. Mijn kamer was vlak naast het kantoor. Zij zaten daar met zijn drieën. Ze moeten het gehoord hebben. De groep was verder weg. Niemand deed iets. Ze hadden kunnen komen. Ze hadden naar mij kunnen komen.
Ze wuifden het weg. “Je buurvrouw is ziek, het komt door haar ziektebeeld.” En ik dan? Ik was ook ziek. Niet psychotisch, maar wel echt heel erg ziek. Maar ik moest het maar relativeren. Niet zo persoonlijk zien. Midden in de triggers. Midden in de PTSS die niemand wilde zien. Midden in het reptielen-brein wat volop aan stond.
“Zoek je ons op als er iets is? Je hoeft het niet alleen te doen.”
Reacties
Een reactie posten